MEDJUGORJE

Een persoonlijk verhaal en getuigenis.

 

Ronny Leenaert.

 

 

Voorjaar ’91, samen met mijn echtgenote Carine slenter ik rond op een beurs voor het paranormale te Kortrijk.

Vooral Carine komt hier enigszins verstrooiing zoeken, een paar maand geleden is haar neef Jurgen, een knappe twintiger om het leven gekomen in een auto–ongeval, wij zijn nog in het rouwproces.

Het beursgebeuren brengt ons weinig soelaas, de ene helderziende was al meer overtuigd dan de andere kaartlegster van zijn of haar ‘gave’.

De reacties van enkele Madame Soleil’s op een foto van Jurgen liepen uiteen van ‘een verloren liefde’ of een ‘geliefde’ die zeker zal terug komen.., flauwekul dus!

Enkele aura 's entiteiten en ander gezwets en gezever verder wordt mijn aandacht getrokken door een persoon die in onvervalste predikantenstijl de volgende woorden scandeerde: ‘de enige waarheid staat hierin, in de bijbel’! Terwijl hij dit luidkeels verkondigde hield hij ‘het boek’ ostentatief boven de menigte.

Ik had onmiddellijk een grote bewondering voor de man, je moet het maar doen, hier in het hol van de leeuw een dergelijk product proberen aan de man te brengen !

In het dagelijks leven moet ik ook aan de kost komen als verkoper en wat onze bijbelverkoper hier doet vraagt moed en overtuiging !

Terwijl Carine een standje met allerhande prullaria aandeed besloot ik om een praatje te maken met de bijbelman.  Ik was vooral gebrand om te weten te komen waar hij zijn motivatie en durf vandaan haalde om zijn ding hier ‘of all place’s’ te komen doen.

Het werd een gezellige babbel, de man deed mij kort zijn levensverhaal, hij had ook al enige watertjes doorzwommen, succes gekend maar ook een faillissement en andere misère.  Zijn leven was ingrijpend veranderd toen hij zich had ‘bekeerd’ en de Heer volgde, sindsdien kende hij echt geluk en vreugde in het leven.  Goed voor hem dacht ik en besloot toch maar een bijbel te kopen uit sympathie voor de man.

Groot was Carine’s verbazing toen ze zag dat ik een bijbel had gekocht, ook ikzelf was daar redelijk verwonderd over, maar ik kon op mijn beurt mijn verwondering niet onderdrukken toen Carine mij een verbazende foto liet zien: Christus aan het kruis, een beeld dat zich in de wolken had gevormd ! Op de achterzijde stond: Medjugorje 30/03/1989, foto di Etienne Logier (Belgique) dal monte Krizevac – 12e statione.

Geen van ons beiden wist wat Medjugorje betekende of waar het zich bevond.

In onze stoutste dromen hadden we niet kunnen vermoeden tot wat onze ‘aankopen’ zouden leiden, of liever tot wat en waar.

 

De tijd vliegt voorbij en ik probeer in mijn bijbel te lezen.  In de bibliotheek vond ik een aantal werken die de bijbel behandelden, zowel pro als contra, enfin ik had er literatuur op nageslagen en zat met meer vragen dan antwoorden !

Ik was vooral gefascineerd geraakt door een boek van een Amerikaans theoloog, Hall Lindsey, met als titel: ‘De planeet die aarde heette’.  Op zich een interessant boek, de schrijver probeert aan de hand van profetieën uit het oude en het nieuwe testament aan te tonen dat we een ‘eindtijd’ beleven en de terugkeer van Christus nabij is.  Hoewel het boek dateert uit het begin van de jaren zeventig, zijn er toch een aantal frappante zaken in beschreven die typerend zijn voor de jaren negentig, enfin het thema hield me bezig.

 

Ondertussen zijn we in het jaar ’95, Carine heeft via een collega–vriendin op het werk meer informatie gekregen over Medjugorje; plaatsje in het ex–Joegoslavië waar er nog steeds verschijningen plaatsvinden (dagelijks) van de H. Maagd Maria.

Carine’s vriendin kon ook meer uitleg geven over de foto van Jezus Christus in de wolken en onder welke omstandigheden de foto was genomen door E. Logier, op zich ook een bijzonder en indrukwekkend verhaal.

Op aandringen van mijn vrouw haar vriendin, Erika, besluiten wij om naar een ‘lezing’ en voordracht te gaan in het VTI te Kortrijk, het zou o.a. gaan over de ‘eindtijd’.  Vooral dit laatste had mijn interesse gewekt en we hadden die middag toch niets beter te doen.  Ik zou meteen mijn opgedane kennis kunnen toetsen aan wat de ‘vakman’- priester hier over had te vertellen.

Ik kan vrij kort zijn over het verloop van die middag, wat Erika niet had verteld was dat ze met ‘lezing’ 50 weesgegroetjes bedoelden en dat was niet bepaald mijn idee over een voordracht en zeker niet tussen een kwezelig publiek.

Achteraf bleek er zich die middag toch een opmerkelijk feit te hebben voorgedaan, bij het verlaten van de zaal kregen alle aanwezigen, een honderdtal, elk een afbeelding van O.L.Vr., het ging hierbij om een prentkaart van O.L.Vr. van Kazan.

Mijn prentkaart geurde indringend naar rozen en gaf een olieachtige substantie af, de brave priester heeft hier kwistig met de rozenessence gesproeid dacht ik bij mezelf.

Groot was mijn verbazing toen bleek dat er maar een 3 – tal kaarten naar rozen geurden waaronder die van mij.  Voor de omstanders ging het hier om een persoonlijk teken van O.L.Vr. en diende dit als een bijzondere genade te worden beschouwd.  Wat een beetje parfum al niet teweeg brengt dacht ik.

Een vrouw vertelde mij met tranen in de ogen hoe groot haar verlangen was om ooit eens een dergelijke kaart te krijgen, te meer omdat haar zuster die totaal ongelovig was misschien wel van mening zou veranderen mocht ze een dergelijke prentkaart die naar rozen geurde te zien krijgen.  Met een groot hart heb ik mijn kaart afgestaan aan de vrouw in de overtuiging dat ik iemand gelukkig maakte.  Dit was helemaal niet naar de zin van Carine en Erika die vonden dat ik dergelijke ‘dingen’ niet mocht weggeven, het zal de wil van O.L.Vr. geweest zijn antwoordde ik laconiek.

Ik besefte dat er ‘iets’ gebeurd was met mij maar wou er niet aan toegeven.

Achteraf beschouwd heb ik toch wel een beetje spijt dat ik mijn kaart weggaf en wel om die reden dat ik enkele weken later dezelfde geur even sterk waarnam zomaar pardoes onder het rijden met de wagen op de autostrade.

 

September ’96, Carine heeft samen met haar zus Vévi (de moeder van Jurgen), besloten om op bedevaart te gaan naar Medjugorje. Erika die reeds een paar keer naar Medjugorje was geweest en met veel overtuiging het als een bijzonder oord van genade beschreef was zeer enthousiast over de beslissing van mijn vrouw en haar zus. Van mijn kant dacht ik dat het typisch iets voor vrouwen moest zijn, die Mariaverering. Ik had zo iets van : baat het niet, dan schaadt het niet, en als mijn schoonzus daar de verhoopte troost kan vinden voor het verlies van haar zoon, waarom niet ?  Ik wuif met een weemoedig hart mijn vrouw en haar zus uit bij hun vertrek met de bus naar de luchthaven.  Daarbij was mij ook een koppel opgevallen waarvan duidelijk was dat de man enkel en alleen meeging om zijn vrouw te plezieren en het hem voor de rest allemaal geen moer kon schelen.  Die heeft iets goed te maken dacht ik en kon mijn binnenpretjes moeilijk bedwingen.

Toen ik Carine en Vévi terug ging afhalen aan de stopplaats van de autocar bij hun terugkeer uit Medjugorje viel het koppel mij onmiddellijk terug op.  De man die balend vertrokken was liep er verdwaasd en afwezig bij en riep bij mij het beeld op van iemand die een ferm pak rammel had gekregen.  Het koppel, Dirk en Martine, hebben me achteraf hun verhaal gedaan, vooral dat van Dirk zal me steeds bijblijven, het had echt iets uit een reclamespot van ‘voor’ en ‘na’ de behandeling.

Dirk heeft bij zijn terugkeer onmiddellijk een kapelletje gebouwd, Maria beeld inclusief.  Dit behoeft geen verder commentaar.

Ook mijn vrouw was bijzonder onder de indruk van wat ze in Medjugorje had ervaren.  Nu moet je weten, wij waren toen 16 jaar gehuwd en zijn dat trouwens nog steeds, ik hou zielsveel van mijn vrouw en ik mag zeggen dat ik haar door en door ken.  Ik was net als zij onder de indruk toen ze mij het relaas van de bedevaart deed maar de 3de dag zei ik dat het nu welletjes was of dat ze mocht gaan solliciteren bij een of andere kloosterorde.

 

Najaar ’96, ik ben in een zwart gat gevallen en heb last van depressies.  Het fenomeen is mij niet onbekend maar deze keer heb ik het zwaar te pakken.  Wat mij bijzonder tegengaat is de depressie zonder aanwijsbare reden, ik heb een pracht van een vrouw, 2 toffe zonen, een eigen huis, een goed betaalde job, kortom alles om gelukkig te zijn en toch…

Op aanraden van mijn vrouw haar vriendin Erika en uit respect voor mijn vrouw, ga ik een paar keer mee naar een gebedsgroep in Kortrijk.         50 weesgegroetjes etc. lap daar gaan we weer.  Ik hou me gedeisd en probeer mee te bidden.

Ik moet toegeven dat ik me na zo een gebedsavond beter en ontspannen voelde, ik leg het voor mezelf uit als zijnde het feit dat ik daar aan niets anders moet denken en afgesloten van de dagelijkse beslommeringen kan ontspannen wat voor een heilzaam effect zorgt.

Nu volgt er een bijzonder fenomeen dat je moet onthouden want het komt later terug in het verhaal.

Tijdens een van die bewuste gebedsavonden was ik opnieuw bezig met alles in vraag te stellen, de zinloosheid van ons bestaan, de onzin van de dingen, de ondraaglijke lichtheid van het zijn, om het maar eens met een filmtitel te zeggen, duidelijk een 5 sterren depressietje !  Op een bepaald ogenblik bidt men het Onze Vader, men doet dit hand in hand, ook ik hou de hand van mijn vrouw vast en van mijn buur, terwijl we het Onze Vader bidden vraag ik van uit mijn diepste binnenste : Heer als je er werkelijk bent haal me hier uit, haal me uit dit diepe dal. Op dat zelfde ogenblik voel ik op mijn rechterschouder een hand, een soort schouderklopje van een vriend die zegt, maak je maar geen zorgen, ik ben bij je, alles komt in orde.  Na afloop ben ik redelijk verbaasd, want als ik om mij heen kijk kan ik niemand aanduiden die me op de schouder zou geklopt hebben vermits we allemaal elkanders hand vasthielden.  Toen ik het hele voorval aan Carine vertelde vond ze het best grappig en voegde er aan toe dat ik ze zag vliegen.  Enfin, het zal wel mijn verbeelding geweest zijn, dacht ik.

 

Mei ’97, tijdens een gebedsavond ontmoeten we Erika die me uitdagend vraagt wanneer ik nu eens naar Medjugorje zou gaan?  Och, ik ben wel benieuwd en nieuwsgierig en ik zou dat allemaal wel eens willen bekijken zei ik, maar ik kan daar het geld niet aan geven.

Erika repliceerde: t’ is dat je er niet moet zijn…

Goed zei ik, morgen bel ik naar de reisorganisatie en als er nog plaats is voor de bedevaart begin juli ga ik mee !  Ik ken die mannen zei Erika, op de laatste knip bellen als er geen plaats meer is !  Er was nog plaats en ik bén meegegaan!

 

04 juli ’97, vrijdagmiddag 15.00 uur, om 16.00 uur moet ik aan de opstapplaats zijn voor de bus naar de luchthaven.  Een gevoel van vertwijfeling maakt zich van mij meester, ik denk bij mezelf wat heb ik nu weer gedaan met mijn grote klep, vrouw en kind achterlaten en voor wat?

Aan de opstapplaats stel ik extremis en bittere ernst voor aan Carine om snel de bagage te gaan omwisselen zodat zij in mijn plaats kon gaan.  Ga jij maar gerust zei ze, je moet er zijn.  Gelukkig was er iemand bij die ik kende, juist ja, Erika.  Opgestapt en plaats genomen in de bus, vrouwtje uitgewuifd, kushandje en met een van mijn gekke bekken lip ik nog door het raam van de bus naar Carine, ik wil eràààf, net als een kleuter op een kermismolen.  Och ja, binnen 4 dagen zijn we terug en we zien wel.

De bus is nog maar goed en wel aan het rijden richting autostrade en een sympathieke priester heet ons welkom.  Ik moet jullie van harte feliciteren zei hij en dit is heel bijzonder, gaat hij verder, niemand gaat naar Medjugorje die niet persoonlijk is uitgenodigd door O.L.Vr., zij laat u met een bijzondere reden naar Medjugorje komen !  Lap, dacht ik, die priester heeft er minstens 2 cursussen verkoopstechnieken en een weekend teambuilding opzitten, van een ‘opwarmer’ gesproken, dit is er één uit het boekje!  Wat meer is ging hij verder, Jezus, de zoon van O.L.Vr., ziet u zo graag, hij legt zijn hand op uw schouder en zegt, ik ben bij je, vrees niets, alles komt in orde !  Woordelijk wat ik mij in Kortrijk had ‘ingebeeld’, mij tranen spatten op het raam van de bus, ik wist niet wat mij overkwam.

 

Medjugorje, zaterdagmorgen 05 Juli ’97, na een korte nachtrust en een douche besluit ik om eerst eens op ‘verkenning’ te gaan, mijn 2 kamergenoten slapen nog en er is nog tijd zat voor het ontbijt.  Het is een stralende morgen en ik draai rechts de straat in, toeristen (lees pelgrims) van allerlei pluimage en nationaliteit passeren mij.  Een eind verderop staat een menigte in drommen dicht bij elkaar te luisteren naar een man die iets door een megafoon vertelt, de man vertaalt simultaan een toespraak van de zienster Vicka.  Ik herkende Vicka vanop de foto’ s die Carine me thuis had laten zien, terwijl ik me dit realiseer kijkt Vicka ongedwongen in mijn richting en hebben we vluchtig oogcontact, op dat eigenste moment gaat er iets van haar uit van ach, daar ben je, wees welkom.  Iets ging binnen in mij overlopen en de tranen plensden op straat, ik kon niet begrijpen wat mij overkwam, ik heb onmiddellijk rechtsomkeer gemaakt en ben verweesd aan de ontbijttafel gaan zitten, mezelf afvragend waar ik het lef vandaan haalde naar hier te komen en dit allemaal eens kritisch te bekijken, ik, Ronny Leenaert, zou dat allemaal eens bekijken en uitleggen wat er hier aan de hand was.

 

Tijdens ons verblijf, ik denk de zondag, stelt Dr. Claes onze reisleider, voor om de Podbrdo te bezoeken.  Dit is de verschijningsberg waar de zieners O.L.Vr. voor het eerst gezien hebben.  Dit leek me wel wat.

We beginnen er aan en onder vakkundige leiding van enkele priesters die met ons meegereisd waren wordt er uitleg gegeven.  Tijdens het beklimmen van de heuvel wordt ook de ‘obligate’ rozenkrans gebeden.  Tussen één van de statie’ s valt mijn oog op een gedenkplaat, het was een aandenken van een toerist of pelgrim die bij het beklimmen van de heuvel tijdens een onweer door een blikseminslag was getroffen.  Het zal je maar overkomen dacht ik, je beklimt God’ s heuvel en je wordt pardoes neergebliksemd.  Ik werd met de minuut lucider en kritischer.

Ik zette één en ander op een rijtje en dacht tijdens het afdalen bij mezelf, het is allemaal één grote kermis, volksverlakkerij, de mensen willen zo graag ‘iets’ meemaken, zijn vol verwachtingen en hierdoor zo ontvankelijk dat je ze alles kan wijsmaken.  Dat gold ook voor mezelf, een vermoeiende reis, de speciale sfeer, de suggestieve verhalen, het feit dat je vrouw en kinderen hebt thuis gelaten, dat maakt dat je emoties met je op de loop gaan.  Voor mij hoefde het allemaal niet meer, zoveel was duidelijk.

Het feit dat de meeste mensen hier soelaas kwamen zoeken voor hun problemen, ziekte, verdriet om een overleden partner of kind, eenzaamheid en ander leed kon ik begrijpen en ik hoopte oprecht dat ze hier de verhoopte troost of de oplossing voor hun problemen konden vinden.  Dit onderscheidde mij voor een groot deel van de andere bedevaarders, ik had geen problemen, dus voor mij was de zaak duidelijk.

 

Uiteindelijk heb ik toch een paar bijzondere mensen leren kennen, waaronder niet in het minst E.H. Paul Hillaert en E.P. Daniël Loobuyck, vooral met deze laatste heb ik opmerkelijke en intense gesprekken gehad, waarvoor mijn dank.

Een aantal mensen hadden toch ‘dingen’ gezien, zo was er iemand die het grote kruis op de Krizevaċ (berg) had zien om z’ n as draaien en een ander had het ‘zonnewonder’ gezien.

Toen ik vroeg wat dit betekende dit zonnewonder, verduidelijkte het brave mens mij het fenomeen als volgt; als je een tijdje in de zon kijkt zal je zien dat de zon na een poos verandert in een hostie! Ik heb haar toen duidelijk gemaakt dat als je lang genoeg in de zon kijkt je makkelijk 14 dagen aan één stuk hosties kan zien! Deze reactie van mijnentwege heeft tot een zeer diepgaand en verrijkend gesprek geleid voor ons beiden, zo zie je maar.

 

Ook de toespraak van de kloosterzuster Louise de Mariac is me bijgebleven.

Zij heeft duidelijk gemaakt wat het doel is van de verschijningen van O.L.Vr.

O.L.Vr. vraagt om te bidden voor haar intenties, bid voor vrede en bekering in de wereld en in ruil ontfermt O.L.Vr. zich over onze zorgen, welke die ook zijn.

Ook zij vertelde dat men naar Medjugorje komt op persoonlijke uitnodiging van O.L.Vr. en dat daar voor iedereen een persoonlijke reden voor is.

 

Het hele gebeuren maakt toch een diepe indruk op mij en uit respect besluit ik toch nog maar eens naar de kerk te gaan vanaf het moment dat men begint met de rozenkrans nml. om 18.00 uur, O.L.Vr. verschijnt aan de zieneres Vicka rond 18.40 uur.  Dit wist ik van Carine.

 

Zondag 6 juli ’97, D–Day.

In de late namiddag slenter ik door de wijngaarden van Bijakoviċi naar de kerk in Medugorje om er de rozenkrans en het verschijningsmoment bij te wonen.  Ik had me voorgenomen om na het gebeuren eens af te zakken in een onooglijk klein cafeetje op de weg terug naar het dorp Bijakoviċi in de hoop er met nog enkele andere bedevaarders, met wie ik reeds zeer vriendschappelijke banden had, eens een gezellige babbel te hebben bij een paar flessen van de plaatselijke lekkere wijn.

Ik zit in de afgeladen volle kerk op de houten banken, het is een bonte mensenmassa van alle nationaliteiten die elk in hun taal het weesgegroetje die in het Kroatisch wordt voorgebeden vervolledigen.  De intense manier waarop deze mensen hier bidden dwong mijn respect af.  Bijgevolg zat ik ingetogen op de bank en van tijd tot tijd prevelde ik zelfs een gebedje mee.

In gedachten dwaalde ik af naar het cafeetje waar ik straks eens zou doorzakken en dan was het mooi geweest voor mij, dit had ik dan ook eens meegemaakt.

Plotseling voelde ik een wind of luchtverplaatsing, onbewust kijk ik op mijn horloge, het is 18.40 uur, precies.  Dit doet me onmiddellijk aan Carine denken, ze had me verteld dat op het moment O.L.Vr. aan Vicka verscheen, zij een soort wind had ‘gevoeld’.  Toen ze hierover navraag had gedaan bleek zij de enige die dit had ‘gevoeld’.  Ik dacht bij mezelf, hola, kameraden, niet met Leenaert, ik heb hier een verklaring voor : de kerk is voorzien van airco, dit houd in dat men gekoelde lucht binnenbrengt wat voor een lichte overdruk zorgt, als de deuren achteraan in de kerk open en dichtgaan en dit gebeurt continue door pelgrims die aan en af lopen, zorgt het drukverschil met buiten voor een luchtverplaatsing, niks geen ‘speciale’ wind, niet met mij!

Ik besluit de kerk te verlaten voor de mis begint en het cafeetje op te zoeken.

En dan gebeurde het!  Ik kom de kerk buiten en ik ga rechtsaf op het kerkplein, tussen honderden mensen sta ik in een fractie van een seconde stil en let nu goed op!

Ik heb géén stem gehoord, maar ‘iets’ zei tegen mij van binnen uit: “Jongen, nu laat ik je weten waarom ik je heb laten komen, ik ga je nu laten ‘voelen’ hoeveel ik van je hou”.., gelijktijdig werd ik vervuld met een immens gevoel van liefde en genade, nog nooit van mijn leven had ik een dergelijke ervaring gehad, zo intens, alles wat ik tot nu toe van mezelf kende van emoties vergingen in het niets, geen enkele zin of woord laat toe om dit te omschrijven of te bevatten, ja, het was ‘hemels’ en mijn tranen van geluk en vreugde plensden neer op het kerkplein en bleven stromen…

Iemand leidde me bij de arm naar een zitbank, enkele mensen keken me glimlachend aan en ik kreeg zelfs een schouderklopje.  Het was duidelijk dat men dit hier nog al had meegemaakt en ik niet alleen was met dergelijke ervaring. Vele mensen vertelden me achteraf, dat iedereen op een voor hem duidelijke manier wordt ‘aangeraakt’.

 

Nu, bijna 3 jaar later begrijp ik nog steeds niet hoe dit mogelijk is, ik kan er met mijn ‘beperkte’ verstand niet bij, maar het heeft mijn leven ingrijpend veranderd en een ander mens van me gemaakt.

 

Mijn bijzondere dank gaat uit naar mij vrouw Carine, mijn zonen Steven en Thomas.  Ook dank aan alle vrienden en mensen die ik zou vergeten zijn, te groot in getale om hier op te sommen.

Een bijzonder genegen dank is voor Erika, zij heeft me de weg gewezen.

 

MIJN ALLERGROOTSTE DANK GAAT UIT NAAR DE H. MAAGD MARIA, DIE MIJ AAN HAAR HART HEEFT GEDRUKT EN TOT GOD HEEFT GEBRACHT.

 

Vergeet de boodschap en intentie niet van Onze Lieve Vrouw :

BID, BID, BID VOOR VREDE EN BEKERING.

 

De Moeder Gods verscheen op 25 juni 1981 de eerste keer aan Vicka (16), Mirjana (16), Marija (16), Ivan (16), Ivanka (15) en Jakov (10).

De H. Maagd zei hun: “Ik ben de Koningin van de vrede.  Ik ben gekomen, omdat hier veel echte gelovigen zijn.  Ik wens bij jullie te zijn om de hele wereld te bekeren en te verzoenen.”

( 26 Juni 1981).

 

De H. Maria verschijnt sindsdien onafgebroken tot op heden nog steeds in Medjugorje.

 

 

VZW WESTVLAAMSE MEDJUGORJE BEDEVAARTEN

Dr.G.Claes

Platanendreef,40

8790 Waregem.

056.60.16.22

0475/38 60 87

http://www.wvl-medjugorje.be